Tags

geschenk-2016Als je tweemaal al een traditie mag noemen, dan zet ik haar dit jaar graag verder met een nieuw taalwetenschaapje als eindejaarsgeschenk.* Curieuzeneuzemosterdpotten of nieuwsgierige aagjes, zoals ik, krijgen regelmatig een energetiserende taalstroomstoot door lijf en leden. Een keuze uit de sprokkels die dit jaar mijn taalvuurtje aanwakkerden geef ik jullie met plezier kado, vergezeld van mijn warme wensen voor een gezond en kundig taal2017.

Om te beginnen met het woord ‘nieuwsgierig’. Wat komt ‘gierig’ hierin doen? Een overblijfsel blijkt uit vervlogen tijden toen ‘gierig’ stond voor ‘verlangend of begerig naar nieuws’, en daar kan ik me helemaal in vinden. Trouwens dat ‘nieuwsgierig aagje’ heeft ook een respectabele leeftijd, in de buurt van 350 jaar, zo leert tinternet.

Je kent ze wel. Mensen die eigenlijk niets te vertellen hebben, maar heel veel, ontzettend veel, aan het woord zijn. ‘Iemand die stiltes opvult voor ze hoorbaar zijn’, las ik ergens. In ‘Pogingen iets van het leven te maken. Het geheime dagboek van Hendrik Groen’ geeft de auteur een accuraat-grappige beschrijving. ‘Een eindeloze stroom van nutteloze woorden die alles overwoekeren als verstikkend onkruid. Zonder nadenken. Zonder betekenis. Dwangmatig. Uitgesproken om de omgeving te laten weten dat de spreker nog niet is overleden en best nog wel wat te melden heeft. Of er iemand is die ernaar wil luisteren is een vraag die men zichzelf zelden stelt, anders zouden die mensen veel vaker hun mond houden.’

Van een totaal ander kaliber, maar heb je je ooit afgevraagd waarvoor de afkorting o.b., of juister o.B., staat? Je weet wel het minder bekende zusje van de tampon van Tampax. Els Snick schrijft in Duitsland op het spoor daar het volgende over: ’Wat mij betreft de belangrijkste naoorlogse uitvinding: de tampon. De o.B. werd uitgevonden door de gyneacologe Judith Esser die ook zwemkampioene was. De afkorting staat voor ohne Binde, zonder maandverband. Het letterwoord moest het de vrouwen gemakkelijker maken om zonder blozen tampons te gaan kopen bij de apotheker.’ Bij het dubbelchecken blijkt dat de tampon veel moeders én vaders heeft. Dus over de oorsprong is discussie mogelijk, maar niet over de opluchting die hij meebracht. Ja, je leest het goed, het woordgeslacht of het genus van de tampon is mannelijk, indeed! De zusjes o.B en Tampax zijn dus eigenlijk broertjes.

Ik hoorde het woord voor het eerst op de radio. Kreeg er kop noch staart aan. ‘Concullega’ kwam ik vervolgens verschillende keren in geschreven vorm tegen. Zo gaat dat met woorden die intrigeren. Ik ging op zoek, ontdekte dat deze samensmelting van concurrent en collega niet één maar verschillende namen heeft: hypogram, porte-manteau-, meng-, vlecht- of kofferwoord. Andere voorbeelden zijn brunch van breakfast en lunch, brussen van broers en zussen, en niet te vergeten ons aller Wikipedia van wiki, een computerprogramma waarbij webdocumenten door meerdere redacteuren samen kunnen worden bewerkt, en encyclopedia.

Ooit gehoord van triskaidekafobie? Neen, het begrip heeft niets te maken met angst voor voorhistorische monsters of met afkeer voor decakoffie, maar wel met weerzin tegen het getal 13, door bijgeloof tot ongeluksgetal gedegradeerd. Met paraskevidekatriafobie, angst voor vrijdag de dertiende, is het eind helemaal zoek. Volgens de overlevering had de in 1874 in Wenen geboren componist Arnold Schönberg behoorlijk last van deze fobie. De mens overleed toch wel op vrijdag de 13e juli 1951 zeker. Op de tafel van het eetcafé waar mijn vrouw en ik onze eerste gesprekken hadden, lag het Rummikubsteentje 13. De toon was gezet. We waagden het zelfs om op een vrijdag de 13e te trouwen. Wij gaan dus eerder voor triskaidekafolie, dan voor -fobie. Ere wie ere toekomt, deze term is haar vondst.

Blurb. Blurb? Is dat een klanknabootsing of onomatopee, – wat een mooi woord! –, voor wat we al of niet stiekem af en toe ten gehore brengen? Niks van. Een klankschilderend, – mmmm! -, woord, zo omschreef de komische schrijver van nonsense of onzinnige verzen Gelett Burges (1866–1951) de term die hij bedacht voor … de flaptekst van een boek. Later ook gebruikt voor de korte inhoud of voor een promotekst voor cd’s en dvd’s. Blurb. Gezondheid!

Om 2016 in schoonheid te eindigen, geef ik jullie graag het allereerste gedichtje van Annie MG Schmidt kado. ** Ze schreef het toen ze 4 jaar was:

Er was eens een hond,
die zat op z’n kont.
Er was eens een kat,
die zat op z’n gat.

 

* Zie wetenschaapje Eindejaarskadootje  (december ’15)
** Gevonden in Anna: het leven van Annie MG Schmidt, biografie van Annejet van der Zijl (2007)

majo van ryckeghem
december 2016